Normbedragen loonheffingen 2026 en de RVU-drempelvrijstelling per 2026

In dit bericht informeren wij u over een aantal wijzigingen in de loonheffingen per 1 januari 2026.

Normbedragen loonheffingen 2026

De Belastingdienst wijzigt ieder jaar verscheidene normbedragen voor de loonheffingen. Ook in 2026 hebben weer de nodige wijzigingen plaatsgevonden, deze zijn te vinden op de website van de Belastingdienst, in deze publicatie.

Het betreft onder andere deze wijzigingen:

  • Gericht vrijgestelde vergoeding thuiswerken € 2,45 per thuiswerkdag (voorheen € 2,40)
  • Niet-zakelijke maaltijden op de werkplek € 4,05 per maaltijd (voorheen € 3,95)
  • Vrijwilligersvergoeding maximaal € 220 per maand en € 2.200 per kalenderjaar (in 2025 was dit € 210 en € 2.100)
  • Eindheffing doorlopend afwisselend gebruik bestelauto € 451 per kalenderjaar (voorheen € 438)

RVU-drempelvrijstelling per 2026

Kort gezegd is elke regeling die het een werknemer mogelijk maakt om eerder te stoppen met werken dan zijn AOW-datum volgens de fiscale wetgeving een Regeling voor Vervroegde Uittreding, ofwel RVU. De werkgever moet dan een RVU-heffing afdragen daarover; deze bedraagt 57,7% in 2026 en stijgt naar 64% in 2027 en 65% in 2028.

Tot en met 2025 was er al tijdelijke regeling, waardoor een werkgever tot een bepaalde drempel geen RVU-heffing hoefde af te dragen over een RVU. Met ingang van 1 januari 2026 is deze RVU-drempelvrijstelling omgezet van een tijdelijke naar een permanente regeling. Het basisbedrag van de RVU-drempelvrijstelling in 2026 is € 2.357 per maand; over dit bedrag is geen RVU-heffing verschuldigd.

Formeel blijft de RVU-drempelvrijstelling ook in 2026 een generieke fiscale faciliteit, maar het kabinet en sociale partners hebben afgesproken dat de toepassing ervan kritisch en gericht moet plaatsvinden. Cao-partijen en werkgevers zijn daarbij nadrukkelijk aan zet.

Wat betekent dit concreet?

De RVU-drempelvrijstelling blijft in stand, maar er wordt gestuurd op een betere gerichtheid. Cao-partijen moeten zelf bepalen welke functies onder ‘zware beroepen’ vallen en hoe knellende situaties worden gedefinieerd. Dit is uitdrukkelijk niet een fiscaal punt, maar een onderdeel van de afspraken tussen werkgever en werknemer(vertegenwoordigers). Daarbij zijn de volgende punten nog van belang:

  • Objectieve criteria: Afbakening van zware beroepen moet gebaseerd zijn op één of meer van de volgende vijf gebieden: fysieke belasting, psychosociale belasting, omgevingsbelasting, cognitieve belasting en (onregelmatige) werktijden. Validatie door een externe partij (zoals TNO) is vereist.
  • Extra fiscale ruimte: Voor knellende situaties kan de RVU-drempelvrijstelling met € 300 per maand worden verhoogd (naar in totaal € 2.657 per maand). Dit is geen vanzelfsprekendheid; de noodzaak daartoe moet worden aangetoond. Cao-partijen kunnen bijvoorbeeld een inkomensgrens hanteren.
  • Monitoring en ijkmomenten: Jaarlijkse monitoring en driejaarlijkse evaluaties moeten uitwijzen of de regeling doelmatig en doeltreffend wordt toegepast. Bij overschrijding van de signaalwaarde (in totaal in Nederland meer dan 15.000 nieuwe deelnemers per jaar) kan via een algemene maatregel van bestuur worden bijgestuurd.

In de praktijk zien wij dat diverse cao partijen ook in 2026 een regeling aanbieden die het voor werknemers mogelijk maakt om eerder te stoppen met werken dan hun AOW-datum. Voor provincies geldt bijvoorbeeld dat de huidige cao RVU-toepassing toestaat zonder afbakening van zware beroepen. Gemeenten werken nog aan een regeling; eerste ingangsdatum is voorzien op 1 april 2026.

Werkgevers die niet onder een cao vallen, hebben formeel geen richtlijn voor afbakening. Ook zij kunnen een regeling aanbieden, maar dragen zelf verantwoordelijkheid voor een juiste toepassing van de RVU-drempelvrijstelling. Fiscaal gezien is er voor deze werkgevers op dit moment geen beperking, tenzij de regeling landelijk wordt aangepast na evaluatie.

Kortom: De RVU-drempelvrijstelling blijft fiscaal toepasbaar, maar de praktijk vraagt om gerichte inzet door sociale partners. Dit is een arbeidsrechtelijke kwestie. Als monitoring uitwijst dat de regeling te ruim wordt toegepast, kan deze alsnog worden beperkt of afgeschaft.

Tot slot

Wilt u weten of de wijzigingen uw organisatie of uw werknemers raken, neem dan contact met ons op.