Dinsdag 15 september 2026 heeft het kabinet traditiegetrouw het Belastingplan 2027 aangeboden aan de Tweede Kamer. In deze nieuwsbrief hebben wij de belangrijkste maatregelen voor u op een rij gezet.
Stimuleringsmaatregelen voor start-ups en scale-ups
Voor start-ups en scale-ups wordt een nieuwe aandelenoptiefaciliteit voorgesteld waarbij het heffingsmoment wordt verlegd en de grondslag wordt verlaagd.
De heffing verschuift van het moment van het verhandelbaar worden van de met de opties verkregen aandelen naar het moment van vervreemding van die aandelen.
De grondslagversmalling houdt in dat onder voorwaarden slechts 65% van het door de werknemer verkregen voordeel belast wordt.
Voor de voorgestelde stimuleringsmaatregelen introduceert het kabinet een fiscale definitie van start-ups en scale-ups. Het moet gaan om een bedrijf dat gericht is op snelle groei door middel van een schaalbaar en herhaalbaar bedrijfsmodel dat zijn oorsprong vindt in innovatie.
Voor ondernemingen die niet kwalificeren als start-up of scale-up blijft de huidige wetgeving gelden. Die houdt in dat er heffing is verschuldigd op het moment van het verhandelbaar worden van de aandelen, tenzij de werknemer kiest voor heffing op het moment van uitoefening van de optie.
Pseudo-eindheffing fossiele personenauto's
Vorig jaar is de pseudo-eindheffing fossiele personenauto's aangekondigd. De ingangsdatum van deze eindheffing is 1 januari 2027.
Fossiele personenauto's van de zaak die privé gebruikt worden krijgen een werkgeversheffing van 12% van de cataloguswaarde. Voor deze regeling telt het woon-werkverkeer mee als privégebruik.
Er geldt overgangsrecht tot en met 31 december 2030 voor de fossiele auto die voor 2027 ter beschikking is gesteld aan de werknemer.
- De pseudo eindheffing geldt niet voor tijdelijk vervangend vervoer wegens onderhoud of reparatie gedurende de eerste 14 dagen.
- Voor de periode van het overgangsrecht is de pseudo eindheffing bovendien niet van toepassing voor fossiele personenauto's die gedurende een periode van maximaal zeven aaneengesloten dagen per kalenderjaar aan een werknemer ter beschikking wordt gesteld.
Bevriezing maximum pensioenopbouw
Het maximum voor de pensioen- en lijfrenteopbouw wordt van 2027 tot en met 2032 niet geïndexeerd. Deze blijft € 137.800. Dit heeft impact op de pensioenopbouw bij de hogere inkomens.
Vrijstelling voor korting branche-eigen producten vervalt
Onder de huidige regeling kunnen werkgevers aan werknemers een belastingvrije korting verstrekken op branche-eigen producten. De korting bedraagt maximaal 20% en in totaal niet meer dan € 500 per jaar.
Er wordt voorgesteld deze gerichte vrijstelling per 1 januari 2027 te laten vervallen.
Verhoging vrije ruimte WKR
Vanaf 1 januari 2027 bedraagt de vrije ruimte voor de WKR 2,16% over de eerste € 400.000 van de fiscale loonsom. Dit was 2,00%. Het percentage van het deel van de loonsom boven de € 400.000 blijft 1,18%.
Hogere onbelaste reiskostenvergoeding en reiskostenaftrek
Werkgevers mogen werknemers met terugwerkende kracht per 1 januari 2026 € 0,25 in plaats van € 0,23 per kilometer onbelast vergoeden voor zakelijke reizen, inclusief woon-werkverkeer.
Ook IB-ondernemers en resultaatgenieters kunnen het hogere bedrag aftrekken voor zakelijke kilometers met een privévervoermiddel waarop het kilometerforfait van toepassing is. Daarnaast stijgen de betreffende kilometerforfaits voor specifieke zorgkosten, ziekenbezoek, weekenduitgaven voor gehandicapten en de giftenaftrek voor vrijwilligers die afzien van een reiskostenvergoeding.
Het begrip 'publieke middelen' binnen de vpb-vrijstelling van onderwijs en onderzoek verduidelijkt
Voor een volledige vpb-vrijstelling voor onderwijs- en onderzoeksinstellingen moet een instelling ten minste 90% onderwijs- of onderzoeksactiviteiten verrichten. Daarnaast geldt een bekostigingseis van ten minste 70% uit de wettelijk aangewezen bronnen, waaronder 'publieke middelen'.
Een onderzoeksopdracht van een publieke instelling moet volgens het kabinet niet automatisch gelden als publiek bekostigd onderzoek voor de vennootschapsbelasting. Het kabinet wil per 1 januari 2027 verduidelijken dat betalingen waarvoor een contractuele tegenprestatie wordt gevraagd, niet als publieke bekostiging meetellen voor de onderwijs- en onderzoeksvrijstelling.
Voor instellingen met contractonderwijs of contractonderzoek kan de kwalificatie van inkomsten dus bepalend zijn voor hun fiscale positie. De herkomst van de betaling alleen volstaat niet. Beoordeel daarom ook welke prestaties tegenover de financiering staan.
Renteaftrekbeperking bij woningcorporaties versoepeld
Woningcorporaties krijgen naar verwachting vanaf 2028 meer ruimte om rente af te trekken. Het kabinet wil hen uitzonderen van de earningsstrippingmaatregel, die de jaarlijkse aftrek van het saldo aan renten beperkt.
Voor de meerjarenbegroting is het onderscheid tussen nieuwe en opgebouwde rente belangrijk. Volgens de aangekondigde vormgeving blijft voor niet-afgetrokken rente uit boekjaren die vóór 1 januari 2028 zijn begonnen, de huidige systematiek gelden.
Onzakelijkheidsvermoeden bij bedrijfsfusies en splitsingen vervalt
Bij een bedrijfsfusie of splitsing kan de belastingclaim onder voorwaarden worden doorgeschoven. De wettekst bevat een vermoeden van onzakelijkheid wanneer bepaalde aandelen binnen drie jaar aan een niet-verbonden lichaam worden verkocht.
De Hoge Raad heeft dit vermoeden voor splitsingen in strijd met het Europese recht verklaard. Het kabinet wil het daarom per 1 januari 2027 voor beide faciliteiten schrappen.
Hogere aftrek voor energiezuinige investeringen
Investeren in energiebesparing kan vanaf 2027 een groter fiscaal voordeel opleveren. Het kabinet stelt voor de energie-investeringsaftrek (EIA) te verhogen van 40% naar 45,5% van het kwalificerende investeringsbedrag.
Ruimere forfaitaire innovatiebox
De vereenvoudigde innovatiebox wordt mogelijk aantrekkelijker voor ondernemingen die zelf kwalificerende immateriële activa ontwikkelen. Het kabinet wil het maximum aan forfaitair bepaalde innovatievoordelen per 1 januari 2027 verhogen van € 25.000 naar € 100.000 per belastingplichtige per jaar.
Valutaresultaten op afdekkingsinstrumenten onder de deelnemingsvrijstelling
Voor ondernemingen die valutarisico's op deelnemingen afdekken, verandert mogelijk de fiscale uitkomst van hun financiering. Vanaf boekjaren die op of na 1 januari 2027 beginnen, wil het kabinet alleen het niet-ingeprijsde valutaresultaat onder de deelnemingsvrijstelling laten vallen.
Kwijtscheldingswinstvrijstelling bij gedwongen schuldafschrijving
De eerder ingediende Fiscale verzamelwet 2027 bevat een gerichte aanpassing van de kwijtscheldingswinstvrijstelling. Het gaat om schuldveminderings die De Nederlandsche Bank of een vergelijkbare afwikkelingsautoriteit bij bepaalde financiële ondernemingen oplegt.
Zo'n gedwongen schuldvermindering geldt nu niet zonder meer als het prijsgeven van een oninbare vordering. Het voorstel maakt toepassing van de vrijstelling mogelijk voor schulden die fiscaal als vreemd vermogen kwalificeren, voor zover tegenover de vermindering geen prestatie of claim van of namens de schuldenaar staat.
Aanpassingen nieuw box 3-stelsel: besluitvorming uitgesteld
Box 3 was een pijnpunt in de onderhandeling, en lijkt vooralsnog ook te blijven. Op Prinsjesdag is namelijk nog geen aanvullend wetsvoorstel ingediend met aanpassingen aan het nieuwe box 3-stelsel.
Die wet moet de belastingheffing over sparen en beleggen baseren op het werkelijke rendement. Invoering per 1 januari 2028 blijft het uitgangspunt in het budgettaire basispad, maar is door de openstaande besluitvorming niet zeker.
Vrijheidsbijdrage via beperktere inflatiecorrectie
Het kabinet wil burgers laten bijdragen aan de hogere defensie-uitgaven door verschillende bedragen in de inkomsten- en loonbelasting minder mee te laten stijgen met de inflatie. Deze zogenoemde vrijheidsbijdrage krijgt de vorm van een beperking van de jaarlijkse indexatie in 2027 en 2028.
Ondernemersfaciliteiten worden verder versoberd en afgeschaft
- De startersaftrek daalt volgens het voorstel van € 2.123 naar € 10 in 2027 en vervalt volledig per 1 januari 2028.
- De willekeurige afschrijving voor starters wordt naar verwachting per 1 januari 2028 afgeschaft.
- De startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid vervalt volgens het voorstel per 1 januari 2029.
- De meewerkaftrek en stakingsaftrek worden eerst met ongeveer 75% verlaagd en drie jaar later afgeschaft.
Verkrijgingsprijs aanmerkelijk belang bij zetelverplaatsing naar Nederland
Wanneer de werkelijke leiding van een buitenlandse vennootschap naar Nederland wordt verplaatst, kan haar in het buitenland wonende aandeelhouder hier buitenlands belastingplichtig worden voor het aanmerkelijk belang.
Het kabinet wil verduidelijken welke verkrijgingsprijs dan voor box 2 geldt. Uitgangspunt wordt de waarde in het economische verkeer van de aandelen op het moment waarop de Nederlandse belastingplicht ontstaat.
Vererfd aanmerkelijk belang: faciliteit niet langer toepasbaar op excessief lenen
Het kabinet stelt voor deze faciliteit per 1 januari 2027 uit te sluiten voor fictieve reguliere voordelen die ontstaan door excessief lenen bij de eigen vennootschap.
Papieren schenkingen: nog geen concrete wetswijziging
Bij een papieren schenking wordt een bedrag geschonken, maar nog niet uitbetaald. De schenker houdt daardoor een schuld aan de begiftigde.
Het kabinet heeft eerder aangekondigd deze schenkingsvorm te willen herzien. Een concrete wetswijziging is echter niet opgenomen in het pakket Belastingplan 2027.
Onderzoek naar schenkbelasting bij onzakelijke leningen
Het kabinet wil onderzoeken hoe bevoordeling door onzakelijke leningen en leningen met onzakelijke voorwaarden beter in de schenkbelasting kan worden betrokken.
Een lening binnen de familie is niet automatisch onzakelijk. De rente, het debiteurenrisico, de zekerheden en de overige afspraken moeten in samenhang worden beoordeeld.
Voorgenomen bestedingsverplichting voor voormalige ANBI's vanaf 2029
Het kabinet wil voorkomen dat vermogen na het verlies van de ANBI-status langdurig onbesteed blijft of zijn algemeen nuttige bestemming verliest.
Uitgangspunt is dat het resterende ANBI-vermogen binnen twee jaar algemeen nuttig wordt besteed, bijvoorbeeld door overdracht aan een andere ANBI.
Aangekondigde beperking van de ANBI-taakoverdrachtvrijstelling
Bij een taakoverdracht tussen ANBI's kan onder voorwaarden een vrijstelling van overdrachtsbelasting gelden voor het vastgoed dat mee overgaat.
Het kabinet kondigt aan deze vrijstelling te beperken: zij zou niet meer van toepassing zijn wanneer bij de taakoverdracht een koopsom wordt bedongen.
Verlaging tarief overdrachtsbelasting voor woningen
Het belastingtarief voor verkrijgingen van woningen die niet bestemd zijn voor eigen bewoning, bijvoorbeeld voor de verhuur of een vakantiewoning, wordt verlaagd van 8% naar 7%. De verlaging gaat in per 1 januari 2027.
Nieuwe vrijstelling overdrachtsbelasting voor woningcoöperaties
Vanaf 1 januari 2027 hoeven woningcorporaties geen overdrachtsbelasting te betalen als zij onroerende zaken voor hun maatschappelijke taken aan elkaar overdragen.
Verhoging btw-tarief op sierteelt
Voor bloemen, planten en andere sierteeltproducten geldt nu nog het lage btw-tarief van 9%. Per 1 januari 2028 vervalt het lage tarief en gaat voor deze producten het algemene tarief van 21% gelden.
Belasting op leidingwater: 10 cent per m³ hoger
De belasting op leidingwater stijgt per 1 januari 2027 met 10 cent per kubieke meter. Eerder was al besloten dat vanaf 2027 de belasting over het volledige waterverbruik wordt betaald, dus ook boven het voormalige plafond van 50.000 m³ per jaar.